Elektrische deken

Slapeloosheid aanpakken met CGT-i werkt!

1 okt, 2026
Jürgen Swinnen

Je hebt de meeste tips over slaaphygiëne waarschijnlijk inmiddels wel gehad. Geen scherm meer na tien uur, de slaapkamer koeler, vaste tijden aanhouden, geen koffie na 15u in de middag. Je hebt ze waarschijnlijk ook geprobeerd? Sommige weken lijkt het te helpen, andere weken lig je om drie uur weer wakker naar het plafond te kijken en te rekenen hoeveel uren er nog over zijn.

Uiteindelijk stap je naar de huisarts. Die luistert, knikt, en schrijft misschien een slaapmiddel voor. Of stuurt je weg met het advies om het nog eens met een vast ritme te proberen.

Wat in dat gesprek over slapeloosheid meestal niet valt, is de naam van de behandeling die volgens de Nederlandse en de Europese richtlijn de eerste keus is bij chronische slapeloosheid. Die behandeling bestaat, ze is goed onderzocht, en de meeste mensen die haar nodig hebben zullen er, jammer genoeg, nooit van horen. We gaan het hebben over cognitieve gedragstherapie voor insomnie, kortweg CGT-i.

Slapeloosheid is iets anders dan een slechte nacht

Iedereen slaapt weleens slecht. Een spannende dag, een verhuizing, een kind dat ziek is. Dat is heel menselijk en eigenlijk ook best normaal.

Chronische insomnie (of slapeloosheid) is iets anders. Het is een slaapstoornis met een vrij precieze omschrijving: moeite met inslapen, doorslapen of te vroeg wakker worden, minstens drie nachten per week, gedurende minstens drie maanden en vooral met merkbare gevolgen overdag. Niet alleen vermoeidheid, maar ook trager denken, een korter lontje, en meer moeite om je te concentreren of een beslissing te nemen. Kortom, je hebt er last van.

Wie nacht na nacht wakker in bed ligt te piekeren, koppelt langzaam het bed aan waakzaamheid in plaats van aan slaap. En hoe harder je vervolgens probéért te slapen, hoe alerter je zenuwstelsel wordt. Dat is de paradox die iedereen met slapeloosheid meteen herkent: de wanhoop om in slaap te vallen is precies wat het tegenhoudt.

Daarom werkt slaaphygiëne hier niet of nauwelijks. Die richt zich op de omstandigheden rondom de slaap, en voor de meeste slaapproblemen is dat ook precies genoeg. Bij chronische insomnie zit het probleem in het aangeleerde patroon zelf. Het is precies zoals Aline Kruit in haar boek schrijft: ‘slapen is niets doen’. En dat ben je verleerd.

Slapeloos wakker liggen in de nacht.
Slapeloosheid: wakker liggen midden in de nacht

Wat CGT-i doet, en waarom het ongemakkelijk voelt

Cognitieve gedragstherapie voor insomnie, meestal afgekort tot CGT-i, pakt precies dat aangeleerde patroon aan. De therapie bestaat uit een paar onderdelen die op papier bijna te simpel klinken.

Bij slaaprestrictie wordt de tijd die je in bed doorbrengt tijdelijk ingekort, tot ongeveer de tijd dat je werkelijk slaapt. Dat voelt tegennatuurlijk, want je bent al moe. Het effect is dat de slaapdruk oploopt en de slaap zich weer concentreert in een aaneengesloten blok. Daarna wordt het venster stap voor stap verruimd.

Bij stimuluscontrole wordt de koppeling tussen bed en slaap hersteld. Alleen naar bed als je slaperig bent, eruit als je wakker ligt, en elke ochtend op hetzelfde tijdstip op. Ook dit is eenvoudiger opgeschreven dan gedaan.

Daarnaast is er het cognitieve deel: de overtuigingen die de spanning voeden. “Als ik geen acht uur haal, functioneer ik morgen niet.” “Ik ben nu eenmaal een slechte slaper.” Die gedachten over slaap zijn niet alleen vervelend, ze houden het systeem letterlijk wakker.

Dat het werkt, is inmiddels goed in kaart gebracht. Meta-analyses laten zien dat mensen sneller inslapen, minder lang wakker liggen en hun slaap merkbaar zien verbeteren. En omdat slaap doorwerkt in stemming, concentratie en kwaliteit van leven, blijft dat effect niet tot de nacht beperkt. Het verschil met slaapmedicatie zit vooral in wat er daarna gebeurt. Een slaapmiddel werkt zolang je het neemt, en bij het stoppen keren de klachten meestal terug. Bij CGT-i houdt het effect aan, en op de lange termijn is de aanpak, dankzij de fundamentele aanpassing van het gedrag, dan ook effectiever dan medicatie.

De NHG-Standaard Slaapproblemen, herzien in 2024, benoemt deze gedragsmatige aanpak als behandeling van eerste keus. De Europese insomnierichtlijn uit 2023 doet hetzelfde, en raadt slaaphygiëne als een losstaande behandeling juist af.

Waarom je dan zo weinig over CGT-i hoort

Hier wringt het. De behandeling is er, ze is onderzocht, ze staat in de richtlijnen. En toch krijgt het overgrote deel van de mensen met chronische slapeloosheid haar niet.

Dat heeft weinig met de behandeling te maken en veel met toegang. Er zijn simpelweg nog steeds te weinig psychologen en slaaptherapeuten die CGT-i aanbieden, de verwijsroute is voor huisartsen niet altijd duidelijk, en wachtlijsten voor gespecialiseerde slaapzorg lopen in heel wat landen en regio’s soms op tot vele maanden. Ondertussen slaapt de patiënt niet, en wordt het patroon dieper ingesleten.

Dat is ook precies waarom er de laatste tien jaar zoveel onderzoek is gedaan naar CGT-i via een digitale route, zonder psycholoog in de kamer. Of dat een volwaardig alternatief is, en waar de grenzen liggen, is een verhaal apart. Eentje waar ook al hard aan wordt geschreven, ook door ons. Meld je aan voor het SleepGrip programma dat binnenkort van start gaat.

Conclusie

Wat opvalt aan dit hele onderwerp is niet dat er geen oplossing bestaat. Die bestaat, en ze staat zwart op wit in de richtlijnen die je huisarts geacht wordt te volgen.

Wat ook opvalt, is hoeveel mensen jarenlang slecht slapen zonder dat de naam van die behandeling ooit valt. Als je jezelf herkent in het patroon van drie nachten per week, drie maanden lang, dan is de vraag aan je huisarts misschien niet “kunt u iets voorschrijven”, maar “komt cognitieve gedragstherapie voor insomnie voor mij in aanmerking”.

Bronnen

  • Riemann, D. et al. (2023). The European Insomnia Guideline: An update on the diagnosis and treatment of insomnia 2023. Journal of Sleep Research.
  • Trauer, J. M. et al. (2015). Cognitive behavioral therapy for chronic insomnia: a systematic review and meta-analysis. Annals of Internal Medicine, 163(3), 191-204.
  • NHG-Standaard Slaapproblemen, herziening 2024. Nederlands Huisartsen Genootschap.
  • VZinfo / RIVM, op basis van CBS-Gezondheidsenquête 2024. Slaapproblemen, totale bevolking.
  • Kempenhaeghe (2024). Nieuwe NHG-richtlijn: samen werken aan een betere nachtrust.
  • Morin, C. M. & Jarrin, D. C. (2022). Epidemiology of insomnia: prevalence, course, risk factors, and public health burden. Sleep Medicine Clinics, 17(2), 173-191.